Verbind je met ons

Single Market

Nieuwe EU-regels inzake speelgoedveiligheid komen een stap dichterbij

DELEN:

gepubliceerd

on

De Raad van de EU heeft zijn standpunt (onderhandelingsmandaat) vastgesteld over de speelgoedveiligheidsverordening, die de regels actualiseert om kinderen te beschermen tegen risico's die verband houden met het gebruik van speelgoed. Terwijl de huidige wetgeving de EU-veiligheidsregels voor speelgoed tot de strengste ter wereld maakt, heeft de voorgestelde wetgeving tot doel de bescherming tegen schadelijke chemicaliën (bijvoorbeeld hormoonontregelaars) te vergroten en de handhavingsregels te versterken met een nieuw digitaal productpaspoort.

Het standpunt van de Raad ondersteunt de algemene doelstellingen van het voorstel, maar introduceert verschillende verbeteringen om de verplichtingen van marktdeelnemers en onlinemarktplaatsen te verduidelijken; het legt de inhoud van het digitale productpaspoort en waarschuwingen vast en vergroot het aantal stoffen waarvan de aanwezigheid in speelgoed verboden is.

Hoewel de huidige regels tot de veiligste ter wereld behoren, zijn we er onder het Belgische voorzitterschap in geslaagd de eisen voor marktdeelnemers en aanbieders van onlinemarktplaatsen aan te scherpen. Bepaalde veiligheidseisen, waaronder chemische eisen, zijn aangescherpt, waardoor nieuwe of bestaande risico's zijn verfijnd. De veiligheid van speelgoed verdient onze uiterste aandacht en we moeten onze kinderen zeker blijven beschermen tegen de productie of import van niet-conforme producten.
Pierre-Yves Dermagne, Belgisch vicepremier en minister van Economie en Werkgelegenheid 

Het onderhandelingsmandaat zet het standpunt van de Raad uiteen over een voorstel dat de Commissie in juli 2023 heeft ingediend. Het voorstel van de Commissie voor een verordening inzake de veiligheid van speelgoed heeft tot doel de bestaande richtlijn te actualiseren met maatregelen om de bescherming tegen schadelijke chemische producten te vergroten, door het verbod op kankerverwekkende, mutagene producten uit te breiden. en producten die giftig zijn voor de voortplanting (CMR's) tot andere gevaarlijke chemische producten zoals hormoonontregelaars en chemicaliën die het ademhalingssysteem of andere organen aantasten. 

De voorgestelde wetgeving heeft tot doel het aantal niet-conform en onveilig speelgoed op de EU-markt terug te dringen door de handhaving van de wettelijke vereisten te versterken, met name voor geïmporteerd speelgoed. Het voorstel van de Commissie introduceert een digitaal productpaspoort (DPP) dat informatie zal bevatten over de veiligheid van het speelgoed, zodat grenscontrole-autoriteiten alle digitale paspoorten kunnen scannen met behulp van een nieuw IT-systeem. De Commissie zal de verordening kunnen actualiseren en de verwijdering van bepaald speelgoed uit de markt kunnen gelasten als zich in de toekomst nieuwe risico's voordoen waarin de huidige tekst niet voorziet.  

In het onderhandelingsmandaat van de Raad zijn de verplichtingen van marktdeelnemers in lijn gebracht met de algemene productveiligheidsverordening (GPSR) en met de nieuwe realiteit van het toenemende volume aan onlineverkopen. Daartoe zullen fabrikanten verplicht worden de waarschuwingen te markeren in een taal of talen die gemakkelijk te begrijpen zijn voor consumenten en andere eindgebruikers, zoals bepaald door de lidstaten. Fabrikanten zullen ook andere marktdeelnemers in de distributieketen moeten informeren over eventuele productconformiteitsproblemen. Bovendien zullen speelgoedimporteurs de producent en de markttoezichtautoriteiten moeten informeren als zij vermoeden dat speelgoed een risico inhoudt.

Het mandaat van de Raad verduidelijkt ook de verplichtingen van 'fulfilmentdienstverleners' (de bedrijven die zorgen voor de logistieke elementen van de verkoop van producten, zoals opslag, picking, verpakking of verzending). Zij worden als marktdeelnemers beschouwd, aangezien aanbieders van fulfilmentdiensten een belangrijke rol spelen bij het op de markt brengen van speelgoed, en met name speelgoed uit derde landen of online gekocht speelgoed. Hun verplichtingen zullen beperkt blijven tot hun rol in de toeleveringsketen, aangezien het standpunt van de Raad van oordeel is dat aanbieders van onlinemarktplaatsen een belangrijke rol spelen bij het bemiddelen in de verkoop of promotie van speelgoed tussen handelaars en consumenten.

advertentie

Daarom wordt speelgoed dat niet voldoet aan de speelgoedveiligheidsregelgeving beschouwd als illegale inhoud in de zin van de Digital Services Act (DSA). Het onderhandelingsmandaat bevat ook speelgoedspecifieke verplichtingen voor aanbieders van onlinemarktplaatsen, naast de verplichtingen die vereist zijn door het bestaande wettelijke kader (zoals de DSA en de GPSR). Het vereist bijvoorbeeld dat de interfaces van onlinemarktplaatsen zo worden ontworpen en georganiseerd dat marktdeelnemers de CE-markering, eventuele waarschuwingen die de consument voorafgaand aan de aankoop moet ontvangen, en de weblink of gegevensdrager (dat wil zeggen QR of streepjescode) kunnen weergeven. die een link biedt naar het digitale productpaspoort. Het onderhandelingsmandaat brengt de bepalingen met betrekking tot het digitale productpaspoort verder in lijn met de regelgeving inzake ecologisch ontwerp voor duurzame producten (ESPR).

Het standpunt van de Raad introduceert een definitie van 'digitaal productpaspoort' om te verduidelijken welke informatie in de digitale productpaspoorten moet staan ​​en wat de technische kenmerken van de gegevensdrager zijn. De reikwijdte van de technische vereisten met betrekking tot het digitale productpaspoort voor speelgoed zal worden bepaald door de door de Commissie vastgestelde uitvoeringshandelingen.

Het standpunt van de Raad verduidelijkt ook de eisen met betrekking tot de minimale omvang, zichtbaarheid en leesbaarheid van waarschuwingsberichten, zodat deze visueel toegankelijk zijn voor de algemene bevolking. Het standpunt van de Raad brengt de speelgoedveiligheidsverordening in lijn met de verordening inzake de classificatie, etikettering en verpakking (CLP) van chemische producten. Daartoe beperkt zij het algemene verbod op de aanwezigheid van stoffen die zijn ingedeeld als kankerverwekkend, mutageen of giftig voor de voortplanting (CMR-stoffen) in speelgoed tot stoffen waarvoor een geharmoniseerde indeling geldt.

Verder wordt er een verbod ingevoerd op bepaalde categorieën huidsensibilisatoren (chemische stoffen die een allergische reactie uitlokken na contact met de huid), een verbod op speelgoed dat een biocidefunctie heeft, en een verbod op de behandeling van speelgoed met biociden (met uitzondering van speelgoed die bedoeld zijn om permanent buiten te worden geplaatst). Biociden zijn stoffen zoals conserveermiddelen, insecticiden, ontsmettingsmiddelen en pesticiden die worden gebruikt voor de bestrijding van schadelijke organismen. In bepaalde speelgoedmaterialen zijn bepaalde conserveermiddelen toegestaan. Wat allergene geurstoffen betreft, worden in het onderhandelingsmandaat ten slotte de specifieke regels voor het gebruik ervan in speelgoed bijgewerkt (waaronder een verbod op het opzettelijke gebruik van geurstoffen in speelgoed), evenals de etikettering van bepaalde allergene geurstoffen.

De vandaag overeengekomen algemene oriëntatie formaliseert het onderhandelingsstandpunt van de Raad. Het geeft het voorzitterschap van de Raad een mandaat voor onderhandelingen met het Europees Parlement, dat zal beginnen zodra het nieuw geïnstalleerde Parlement zijn standpunt heeft aangenomen.  

Deel dit artikel:

EU Reporter publiceert artikelen uit verschillende externe bronnen die een breed scala aan standpunten uitdrukken. De standpunten die in deze artikelen worden ingenomen, zijn niet noodzakelijk die van EU Reporter.

Trending